Logo Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport

huiselijkgeweld.nl

Secundaire analyses slachtofferdata huiselijk geweld

15-09-2011

Eerste van een viertal vervolgstudies naar slachtoffers en daders van huiselijk geweld: over de samenhang tussen slachtoffer- en daderschap van ernstig huiselijk geweld.

Aanleiding

In het kader van het project ‘Aanpak huiselijk geweld’, een onderdeel van het Veiligheidsprogramma, zijn in de periode van 2007-2010 vier studies naar huiselijk geweld uitgevoerd. Een vervolgonderzoek was gewenst omdat niet alle onderzoeksvragen in de vier studies werden beantwoord. De vervolgstudies zijn uitgevoerd door The International Victimology Institute Tilburg (INTERVICT) en het Wetenschappelijk Onderzoek- en Documentatiecentrum (WODC). Aan het onderzoek is meegewerkt door medewerkers van Tilburg University Forensische Psychologie, poliklinisch psychiatrisch forensisch centrum Het Dok, FPC de Kijvelanden en FPC de Kijvelanden en FPC de dr. S. van Mesdag.
Het volledige vervolgonderzoek bestaat uit drie rapportages in de vorm van factsheets en een pdf bestandoverkoepelende samenvatting (pdf, 110 Kb) (via website WODC). Een vierde factsheet heeft betrekking op onderzoek naar de vier typologieën van huiselijk geweld van Johnson (1995; 2008) en zal in het najaar van 2011 worden opgeleverd.

Onderzoeksvragen

De vragen in deze secundaire analyse zijn:

  • Wat is de samenhang tussen slachtoffer- en daderschap van ernstig huiselijk geweld uitgesplitst naar sekse en het type van het voorval?
  • Plegen daders hetzelfde type huiselijk geweld als het geweld waar zij slachtoffer van werden (voor die daders die ook slachtofferschap rapporteren)? Welke factoren spelen daarbij een rol?
  • Door welke typen van plegers wordt evident huiselijk geweld gepleegd? Hebben vrouwelijke slachtoffers met andere pleegtypen te maken dan mannelijke slachtoffers?

Resultaten

  • Zelf slachtoffer zijn van huiselijk geweld geeft ook aanleiding tot het plegen van huiselijk geweld: 17% van de slachtoffers van enige vorm van huiselijk geweld pleegt zelf ook huiselijk geweld; bij slachtoffers van ernstig huiselijk geweld rapporteert zelfs 45% daderschap van enige vorm van huiselijk geweld. Bij deze laatste groep gaat het in 18% van de gevallen om het plegen van een ernstige vorm van huiselijk geweld in 79% van de gevallen om lichtere vormen van huiselijk geweld.
  • Bij seksueel geweld zijn bijna alleen mannen de plegers. Bij andere vormen van ernstig geweld, ook het plegen van de ernstige vormen van lichamelijk geweld, is het relatief gelijk verdeeld over mannen en vrouwen. Het plegen van stalking (in de gaten houden/volgen) wordt het vaakst gerapporteerd, door 77 (van de 122) respondenten (37 mannen en 40 vrouwen).
  • Vrouwen (73%) zijn aanmerkelijk vaker dan mannen (58%) slachtoffer van huiselijk geweld dat door de partner of ex-partner wordt gepleegd. Mannen (45%) zijn aanmerkelijk vaker dan vrouwen (28%) slachtoffer van ernstig huiselijk geweld dat gepleegd wordt door andere leden van de huiselijke kring.

pdf bestandVolledige tekst van deze factsheet Secundaire analyses slachtofferdata landelijk onderzoek huiselijk geweld (pdf, 120 Kb) (via website WODC) of externe link raadpleeg de beschrijving op de website van het WODC


Veen, H.C.J. van der. (2011).Secundaire analyses slachtofferdata landelijk onderzoek huiselijk geweld.Den Haag: WODC.