Logo Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport

huiselijkgeweld.nl

Vrouwelijke Genitale Verminking in Nederland - Omvang, risico en determinanten

31-01-2013

Beknopte versie onderzoeksrapport female genital mutilation In the netherlands – prevalence, inci-dence and determinants.

Methode

In dit rapport vindt u de resultaten van schattingen van het aantal vrouwen en meisjes in Nederland in 2012 dat besneden is of het risico loopt om besneden te worden. Met behulp van gegevens over het vóórkomen van vrouwelijke genitale verminking (vgv) in de landen van herkomst, gegevens over de vrouwelijke migrantenpopulatie in Nederland, informatie uit focusgroep discussies en gegevens uit registratiesystemen bij de Jeugdgezondheidszorg
(JGZ) en de Advies en Meldpunten Kindermishandeling (AMK) zijn deze schattingen tot stand gekomen.
Gezien de grote verschillen in vgv prevalentie tussen, maar ook binnen de landen van herkomst, is gekeken naar vgv op regionaal of provinciaal niveau in de herkomstlanden. Verder is er vooral ook gekeken naar leeftijdsspecifieke vgv cijfers, omdat vgv onder jongere vrouwen lager is dan onder oudere vrouwen. Een systematische zoektocht naar andere determinanten die de verschillen in vgv prevalentie kunnen verklaren heeft geen duidelijke patronen opgeleverd die we hebben kunnen gebruiken bij onze schattingen. De relaties tussen determinanten en prevalentie vgv blijken per gemeenschap te verschillen.

Resultaten

Van het aantal vrouwen in 2012 in Nederland dat afkomstig is uit landen waar van oudsher vgv gepraktiseerd wordt (bijna 70.000, 1% van de vrouwelijke Nederlandse bevolking) is naar schatting 40% besneden. Daarnaast zijn er 2.000 vrouwen in de asielopvang (35% van het totaal aantal vrouwelijke asielzoekers in de opvang), die uit deze landen afkomstig zijn. Van hen is naar schatting 74% besneden. In totaal gaat het naar schatting om 29.120 vrouwen in Nederland die besneden zijn. Het merendeel van deze vrouwen bevindt zich in de reproductieve leeftijdsgroep. Dit vraagt van artsen en andere gezondheidswerkers vaardigheden om het onderwerp bespreekbaar te maken, kennis over de relatie tussen vgv en medische en psychosociale klachten evenals over bestaande medische behandelingen of therapieën.
Vrouwelijk genitale verminking vindt meestal plaats in de leeftijd 4 tot 12 jaar. Om het risico in te schatten dat in Nederland woonachtige meisjes lopen op een besnijdenis, zijn een aantal varianten berekend. Meisjes jonger dan 15 jaar behoren tot de potentiële risicogroep die de kans loopt besneden te worden. De resultaten van de varianten zijn vergeleken met de voorlopige resultaten uit de registraties bij de JGZ en AMK’s. Daaruit concluderen we dat er jaarlijks 40 tot 50 in Nederland woonachtige meisjes het risico lopen om besneden te worden. Voor een deel van deze meisjes wordt het risico pas reëel wanneer zij een bezoek brengen aan het land van herkomst. De JGZ speelt een belangrijke rol in de preventie van vgv. JGZ artsen en verpleegkundigen kunnen vgv gedurende meerdere contactmomenten met de ouders en het kind bespreken.

Discussie

Het betrekkelijk lage risico komt niet alleen door verschillen in waarden en normen tussen Nederland en het land van herkomst. Het is aannemelijk dat dit ook komt door toegenomen kennis onder de doelgroep over medische en psychosociale complicaties van vgv. Deze kennis is verkregen door voorlichtingen ondermeer in Nederland. Verder is vooral de ‘enabling environment’ belangrijk: preventie, wetgeving en handhaving (de wet blijkt een sterke preventieve werking te hebben), kinderbeschermingsmaatregelen en de risicotaxaties vgv bij de JGZ. Deze determinanten bij elkaar zorgen voor een gedrag waar vgv niet meer frequent wordt toegepast.

Vrouwelijke Genitale Verminking in Nederland. Omvang, risico en determinanten is een beknopte versie van het onderzoeksrapport Female Genital Mutilation in the Netherlands: prevalence, incidence and determinants

pdf bestandVrouwelijke Genitale Verminking in Nederland - Omvang, risico en determinanten (pdf, 749 Kb) (via pharos.nl)


Exterkate, M. (2013). Vrouwelijke Genitale Verminking in Nederland - Omvang, risico en determinanten. Utrecht: Pharos.