Logo Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport

huiselijkgeweld.nl

Meer meldingen kindermishandeling

30-09-2011

De toegenomen aandacht voor kindermishandeling in de afgelopen jaren heeft geleid tot een toename in het aantal meldingen, maar nog niet tot een merkbare daling in het aantal slachtoffers. Dat blijkt uit onderzoek van de Universiteit Leiden en TNO. Het onderzoeksrapport werd vandaag aangeboden aan staatssecretaris Veldhuijzen van Zanten (VWS).

Vorig jaar waren in Nederland 34 per 1000 kinderen van 0-17 jaar slachtoffer van mishandeling of verwaarlozing. Dat zijn in heel Nederland bijna 119.000 kinderen in één jaar tijd. Dit cijfer is gebaseerd op gevallen van kindermishandeling gerapporteerd door meer dan 1.100 beroepskrachten die met kinderen te maken hebben in allerlei sectoren zoals onderwijs, juridische en sociaalmedische zorg, in combinatie met het aantal gemelde kinderen bij de Advies-en Meldpunten Kindermishandeling (AMK). Ook rapporteerden bijna 2.000 middelbare scholieren over mishandeling. Ongeveer 99 per 1.000 middelbare scholieren gaven aan in 2010 te zijn mishandeld, hetzelfde aantal als vijf jaar geleden.

Aantal meldingen

Sinds 2005 is het aantal meldingen van mishandeling gestegen. Bij de AMK’s steeg het aantal meldingen van 3,8 naar 6,4 per 1.000 kinderen. De schattingen op basis van meldingen door beroepskrachten stegen van 24,1 tot 27,4 per 1.000 kinderen. Vooral onderwijs-en emotionele verwaarlozing zijn toegenomen. Ook getuige zijn van geweld in het gezin werd vaker gemeld.

Gezinnen met (zeer) laag opgeleide ouders, met werkloze ouders, éénoudergezinnen, gezinnen met drie of meer kinderen, en stiefgezinnen laten een groter risico op kindermishandeling zien. Ook een allochtone achtergrond betekent een verhoogd risico, maar voor gezinnen van Marokkaanse, Turkse, Surinaamse, of Antilliaanse herkomst valt dat extra risico weg als rekening wordt gehouden met het gemiddeld lagere opleidingsniveau. Voor gezinnen uit landen die op een vluchtelingstatus duiden blijft het risico bestaan. Mogelijk spelen trauma’s in deze gezinnen daarbij een belangrijke rol.

Geweldloos ouderschap

De onderzoekers van de Universiteit Leiden en TNO voerden vorig jaar de tweede Nationale Prevalentiestudie Mishandeling van kinderen en jeugdigen (NPM-2010) uit, in opdracht van het ministerie van VWS. De eerste prevalentiestudie werd gedaan in 2005. Net als in 2005, werden er in 2010 twee onderzoeken uitgevoerd, één naar meldingen door beroepskrachten en bij het AMK, en één onder scholieren.
De onderzoekers pleiten voor structurele investeringen in een krachtiger aanpak, door opvoedingsondersteuning voor ouders in het eerste jaar als voorbereiding op geweldloos ouderschap algemeen te maken.

Meer informatie