Logo Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport

huiselijkgeweld.nl

Vrouwelijke zedenplegers onderzocht

15-12-2014

Vrouwelijke zeden-plegers verschillen wezenlijk van mannen die eenzelfde delict pleegden. Dat blijkt uit het eerste grootschalige onderzoek naar vrouwelijke zedenplegers in Nederland. Criminologe Miriam Wijkman promoveerde hiermee vorige week aan de Vrije Universiteit in Amsterdam.

Wijkman onderzocht de kenmerken van vrouwelijke zedendelinquenten. Zij bekeek hun strafdossiers en strafbladen, in een periode van 1994-2008. Zij concludeerde dat vrouwelijke zedendelinquenten plegen hun daden zelden alleen plegen. In tweederde van de gevallen hebben zij een of meer mannelijke medeplegers. Daarnaast ontdekte zij dat vrouwelijke zedendaders geen overwegend seksuele motieven voor het delict hebben.

Geen stoornis

Bij 98 procent van de daders is er bovendien geen seksuele stoornis vastgesteld, zoals pedofilie. Opmerkelijk, want vrouwelijke daders maken veel minderjarige slachtoffers. Hoe valt dit te verklaren? "De seksuele voorkeur van de mannelijke mededader kan meespelen," suggereert Wijkman. "Hij zou bijvoorbeeld een voorkeur kunnen hebben voor jonge kinderen. Ook is het lastig om seksuele stoornissen en pedofiele interesses vast te stellen bij vrouwen."

Behandeling

Wijkman geeft voor het eerst een overzicht van de kenmerken van deze daders. Haar bevindingen zijn van belang voor de praktijk van recherche en behandeling. Wijkman: "Je zou behandeling van dit soort daders juist niet op het seksuele aspect van de delinquentie moeten richten, maar meer op de algemene psychosociale problemen van de dader."