Logo Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport

huiselijkgeweld.nl

Landelijk kader voor de Veiligheidshuizen

13-05-2016

Invoering, ontwikkelingen en knelpunten

Veiligheidshuizen

Veiligheidshuizen zijn netwerken van organisaties die in een samenwerkingsverband straf- en zorginterventies verbinden. Deze netwerken hanteren een gebieds-, systeem- of persoonsgerichte aanpak om overlast aan te pakken. Ze combineren strafrechtelijke, zorg- en andere (zoals bestuurlijke) maatregelen. Dit om plegers te beïnvloeden op een manier die leidt tot verbetering van hun leefsituatie, vermindering van recidive en verbetering van veiligheid in de samenleving. Anno 2016 zijn er in Nederland 33 veiligheidshuizen die vrijwel landelijk dekkend werken.

Maatschappelijke ontwikkelingen

Door de decentralisatie van taken naar gemeenteniveau in het kader van de jeugdwet, de participatiewet en de wet maatschappelijke ondersteuning, zijn gemeenten cruciale partners geworden binnen de veiligheidshuizen. Ook moeten veiligheidshuizen zich verhouden tot andere nieuwe ontwikkelingen, zoals de opzet van jeugdbeschermingstafels en de start van de nieuwe Veilig Thuis organisaties.

Functies veiligheidshuizen

Enerzijds ligt de focus op behandeling van complexe casuïstiek; anderzijds bestaat een belangrijke functie uit de (strategische) advisering van lokale bestuurders en sleutelpartners in het landelijk kader.

Het onderzoek gaat in op de stand van zaken: de positie van de veiligheidshuizen en hun relatie met de omgeving; hun aanpak van complexe problematiek, randvoorwaarden voor hun functioneren in de veranderde constellatie en de regierol van de gemeenten.

Downloads

Voor de volledige tekst en een samenvatting (Engels en Nederlands): externe linkLandelijk kader voor de veiligheidshuizen (via wodc.nl)


Rovers, B., Hoogeveen, C. , m.m.v. Eijgenraam, S. (2016). Landelijk kader voor de veiligheidshuizen. Invoering, ontwikkelingen en knelpunten. ’s-Hertogenbosch: Bureau voor Toegepast Veiligheidsonderzoek – BTVO / Bureau Alpha.
ISBN: 978-90-808169-5-4
In opdracht van het Ministerie van Veiligheid en Justitie, Wetenschappelijk Onderzoek- en Documentatiecentrum.